Gedragsverandering randvoorwaardelijk voor Innovatie in energievoorziening?

Metamorfoses
Bij ‘metamorfose’ draait het om innovaties en gedragsverandering, die elkaar over en weer beïnvloeden. Vernieuwingen die slagen verlopen exponentieel. Disruptie is een vorm van metamorfose.
Bij een metamorfose veranderen
niet alleen de technieken, maar ook het gedrag van de gebruikers, hun relaties met de omgeving en met de aanbieders, de business modellen en de sociale structuren.
Innovaties gaan vaak exponentieel, terwijl de specialisten lineair denken. Dit zorgt voor onbetrouwbare toekomstvoorspellingen door die specialisten.
De snelheid van de metamorfose hangt af van de vaart, waarmee deze betrokkenen hun gedrag veranderen en overstappen op nieuwe producten en nieuwe diensten. Een innovatief klimaat speelt daarbij een sleutelrol.

Metamorfose bij energietransitie
Maar de betrokkenen bij de energietransitie zijn traditioneel verkokerd. Daarom moeten er andere samenwerkingsvormen komen.
Voortbouwen op bestaande expertises en verstandig ombuigen van het bestaande systeem is effectiever en zekerder dan snel afbreken en opnieuw beginnen.
Nu de sector in disruptie is, kan het verleden niet langer dienen als maatstaf voor de toekomst. Daarom kunnen we beter denken in kleine stappen dan grootse plannen.

Effect van vraagsturing elektriciteit
Elektriciteit kan duurzaam opgewekt worden. Daarom neemt het een belangrijke rol in bij de energietransitie. Het gebruik van elektriciteit stijgt, omdat het ook een vervanger kan zijn van gas en olie.
Bij het afbouwen van de traditionele elektriciteitscentrales is het belangrijk de stabiliteit te garanderen met alle individuele opwekkers.
In plaats van op aanbod sturen kan er met slimme netwerken aan vraagsturing gedaan worden. Dit betekent dat de vraag naar elektriciteit wordt afgestemd op het aanbod, in plaats van andersom. Afnemers gebruiken dan méér elektriciteit als er wind en zon is, en minder als het er niet is.
Een andere oplossing is de zogenaamde systeemintegratie, waarbij de voorziening van warmte, gas en elektriciteit met elkaar verweven raken. Er komen steeds meer connecties, waarbij energie van de ene vorm wordt omgezet in de andere.

Warmtenet als alternatief?
Toenemend elektriciteitsgebruik zou kunnen vragen om uitbreiding van het netwerk. Maar dat zou in de toekomst wel eens onrendabel kunnen zijn, omdat er meer en meer lokale netwerken ontstaan van opwekkers en gebruikers. Flexibel gebruik van de netwerken voorkomt dure uitbreidingen.
Een alternatief zijn warmtenetten, waarbij duurzame aardwarmte (geothermie) wordt gebruikt, of restwarmte van bijvoorbeeld afvalverbrandingsinstallaties of van de industrie. Elektrisch verwarmen en warmtenetten kunnen ook gecombineerd worden.
Het probleem met warmtenetwerken voor consumenten is hetzelfde als met gas, namelijk dat er een grote en dure infrastructuur aangelegd moet worden waarbij mensen gedwongen worden een abonnement te nemen. Terwijl er misschien lokale alternatieven zijn.

Lasten verduurzaming komen nu bij burger en dat vertraagt
Productie met zon en wind betekent dat er minder wordt geproduceerd met kolen- en gascentrales, die onder het ETS-systeem vallen. De emissierechten van de fossiele centrale, die niet hoeft te produceren, komen daarom weer op de markt. Hierdoor dalen de prijzen van emissierechten, andere energiegebruikers kopen deze in en zij gaan meer CO2 uitstoten, tot het plafond wordt bereikt. Per saldo wordt er dan niet minder CO2 geproduceerd.
Bij de subsidieverlening staan nu ‘kosten per eenheid vermeden CO2’ vaak centraal. Deze moeten zo laag mogelijk zijn. Maar subsidies houden het oude, waar we vanaf moeten, in stand. Het criterium is daarom ondeugdelijk.
De verduurzaming wordt nu gefinancierd met subsidies met name de SDE+ regeling. De kosten worden voornamelijk gedragen door de burgers middels een opslag op de energie rekening: Opslag Duurzame Energie (ODE). Op dit moment bestaat de energierekening van huishoudens voor ongeveer 45% uit belastingen. Een systeem, waarbij veel lasten van de verduurzaming via heffingen bij de burger terecht komen, vertraagt daarom de metamorfose.

Nieuwe vormen van samenwerking.
Daarom moeten we nadenken over nieuwe vormen van samenwerking om de metamorfose te versnellen en in goede banen te leiden.