Van VAR naar DBA: wat verandert er voor de zzp’er?

Van VAR naar DBA: wat verandert er voor de zzp’er?

door Jolein de Rooij, 28-01-2016

http://tinyurl.com/z6fwkrv

Per 1 mei wordt de VAR vervangen door de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA). Wat zijn de gevolgen hiervan voor jou?

Een zzp’er houdt zich liefst zo min mogelijk bezig met de administratie. Daar valt immers geen cent mee te verdienen. Opdrachtgevers vroegen tot nu toe één keer per jaar om een Verklaring arbeidsrelatie (VAR). Begrijpelijk, want zo wisten ze zeker dat ze geen loonheffingen hoefden af te dragen over besteld freelancewerk.

Zo’n VAR aanvragen was gelukkig een eitje. Als zzp’er hoefde je alleen één keer per jaar een vragenlijst in te vullen op de website van Belastingdienst. Die VAR-verklaring viel dan vanzelf in je brievenbus.

Per 1 mei verdwijnt de VAR echter. Wat komt ervoor in de plaats? Wat verandert dat voor de administratie van de gemiddelde zzp’er? Wanneer moet je in actie komen? En wat moet je vooral wel en niet doen? We vroegen het aan een jurist en een fiscaal econoom.

Waarvoor diende die VAR ook al weer?

‘De zzp’er heeft in de huidige regeling vooral belang bij een zogenaamde VAR-wuo’, zegt jurist Marcel van der Zande van FNV Zelfstandigen. ‘Wuo staat daarbij voor winst uit onderneming. Zo’n verklaring moet de zzp’er zelf aanvragen bij de Belastingdienst op basis van een standaard vragenlijst. Als je die inderdaad krijgt, weet de opdrachtgever met zo’n VAR-wuo dat de arbeidsrelatie die deze aangaat met de zzp’er door de Belastingdienst niet wordt beschouwd als een dienstbetrekking waarbij loonheffingen moeten worden ingehouden en afgedragen. Daardoor dient de VAR primair het belang van de opdrachtgever en niet dat van de zzp’er. Gelijktijdig betekent het voor de zzp’er natuurlijk ook dat een potentiële opdrachtgever géén fiscaal beletsel heeft om met hem of haar te contracteren. Daardoor kan die verklaring ervoor zorgen dat de zzp’er gemakkelijker werk kan krijgen. Opdrachtgevers stellen overlegging van die verklaring namelijk vaak als voorwaarde voor het geven van een opdracht.’

Is het erg dat de VAR verdwijnt?

Van der Zande: ‘Voor zzp’ers die evident ondernemers in fiscale zin zijn, maakt het verdwijnen van de VAR niet veel uit. Bij deze categorie speelt de VAR in de praktijk vaak helemaal geen rol, omdat er geen fiscaal risico voor de opdrachtgever bestaat. Voor alle duidelijkheid: het is voor een zzp’er niet verplicht een VAR te hebben en een opdrachtgever mag ook werken met zzp’ers zónder VAR. Feit is dat er nu zzp’ers zijn die wél een VAR-wuo hebben, maar toch niet voldoen aan alle criteria voor fiscaal ondernemerschap. De Belastingdienst heeft namelijk niet de capaciteit om alle aanvragen te controleren. Die categorie wordt ook wel aangeduid als schijnzelfstandigen. Ook die categorie schijnzelfstandigen kan met een VAR-wuo makkelijk aan nieuwe opdrachten komen. Dat zou onder de Wet DBA weleens anders kunnen worden.’

Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA): dit zijn de gevolgen voor jou als zzp’er

Hoe werkt de DBA, die ervoor in de plaats komt?

Van der Zande: ‘Onder de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) kunnen partijen met elkaar contracteren op basis van modelovereenkomsten. Dit zijn contracten waarvan de Belastingdienst verklaart dat, wanneer op grond daarvan wordt gewerkt, de betreffende arbeidsrelatie géén dienstbetrekking oplevert waarvoor loonheffingen moeten worden ingehouden en afgedragen.’

Fiscaal econoom Dirk Bosch van Mazars: ‘Dat kan bijvoorbeeld een gepubliceerde voorbeeld- of sectorovereenkomst zijn, maar ook een specifieke door een individuele opdrachtgever opgestelde overeenkomst.’

Hoe kom je aan zo’n modelovereenkomst?

Bosch: ‘Op de site van de Belastingdienst staan algemene modelovereenkomsten, voorbeeldovereenkomsten en individuele overeenkomsten waarbij geen sprake zal zijn van een dienstbetrekking.’

Wat staat er in die modelcontracten?

Van der Zande: ‘Daarin heeft de Belastingdienst zogenaamde kernbedingen gemarkeerd. Dat zijn bedingen waarvan partijen bij de nadere invulling van het contract niet mogen afwijken. Die kernbedingen onderscheiden de relatie tussen opdrachtgever en zzp’er van die van een “gewone” arbeidsovereenkomst. Het gaat er daarbij vooral om dat er geen sprake mag zijn van zogenaamd werkgeversgezag bij de opdrachtgever. Ook mag er geen sprake zijn van een verplichting tot persoonlijke arbeid door de zzp’er.’

En als die modelovereenkomsten niet van toepassing zijn op jouw situatie?

Bosch: ‘In het geval de opdrachtgever en de zzp’er geen voorbeeldovereenkomst gebruiken, kunnen zij de door hun te gebruiken overeenkomst ter beoordeling voorleggen aan de Belastingdienst. Die probeert de overeenkomst binnen zes weken te beoordelen. De eventuele goedkeuring geldt in principe voor een periode van vijf jaar.’

Met zo’n modelcontract weet de opdrachtgever zeker dat deze geen loonheffingen hoeft af te dragen voor de zzp’er?

Van der Zande: ‘Ja, mits partijen zich ook houden aan dat wat ze op papier hebben afgesproken. De Belastingdienst kan dat controleren. Maar in tegenstelling tot een VAR-wuo heeft een modelovereenkomst géén vrijwarende werking voor de opdrachtgever. Als de Belastingdienst dus controleert en vaststelt dat partijen hun arbeidsrelatie niet conform die kernbedingen hebben ingericht of niet conform die kernbedingen uitvoeren, dan kunnen ze alsnog loonheffingen opleggen. Onder de DBA wordt het financiële risico voor de opdrachtgever om te werken in schijnconstructies, dus veel groter.’

En wat zijn de gevolgen voor de zzp’er?

Bosch: ‘Het feit dat de opdrachtgever bij het kunnen overleggen van een VAR wordt gevrijwaard, zorgt ervoor dat opdrachtgevers vrij snel en gemakkelijk een zzp’er zullen inschakelen. Met de vervanger van de VAR zal de opdrachtgever niet automatisch meer worden gevrijwaard. Hierdoor zal de opdrachtgever kritischer worden bij het inhuren van een zzp’er. Het verdwijnen van de VAR lijkt dus nadelig voor de zzp’er.’

Kun je je als zzp’er voorbereiden?

Van der Zande: ‘Als partijen willen contracteren op basis van een modelovereenkomst, dan moeten ze vóór aanvang van de betaling van de beloning die ze afspreken, een daarop afgestemde schriftelijke overeenkomst opstellen en ondertekenen. Dat lijkt logisch, maar de huidige praktijk is vaak anders, omdat er bijvoorbeeld met eenzijdige opdrachtbevestigingen wordt gewerkt of op basis van mondelinge overeenkomsten. Dat is onder de Wet DBA dus niet toereikend. Beide partijen moeten een door de ander ondertekend/geparafeerd exemplaar van de overeenkomst in hun administratie hebben. De Belastingdienst kan daarop controleren. Als zzp’er is het dus van belang om vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Wet DBA een schriftelijke conceptovereenkomst op te stellen die is afgestemd op de fiscale kernbepalingen van een modelovereenkomst. De voorbeeldovereenkomsten op de website van de Belastingdienst kunnen daarbij als leidraad dienen. Daarbij moet je er ook op letten dat je algemene voorwaarden in overeenstemming zijn of worden gebracht met die fiscale kernbepalingen.’

Wie moet het initiatief nemen, de opdrachtgever of de zzp’er?

Bosch: ‘In principe heeft de DBA alleen gevolgen voor de opdrachtgever. Daardoor zal het bij lopende opdrachten over het algemeen de opdrachtgever zal zijn die contact zal opnemen met de zzp’er. Maar ook de zzp’er kan bij eventuele nieuwe opdrachten bij de opdrachtgever aangeven dat hij of zij gebruik wil maken van een door de Belastingdienst beoordeelde (model)overeenkomst.’

Van VAR naar DBA: wat verandert er voor de zzp’er?

Wanneer moet je echt in actie komen?

Van der Zande: ‘Misschien hecht je als zzp’er niet veel waarde aan zo’n modelovereenkomst. Het gebruik daarvan is immers niet verplicht. Maar dan nog moet je er vanaf 1 mei rekening mee houden dat veel opdrachtgevers nog slechts op basis van zo’n modelovereenkomst met je willen contracteren. Een zzp’er moet dus zeker van de achtergrond van de DBA op de hoogte zijn en weten wat wel en niet mogelijk is binnen de regels van die wet.’

1 mei is al erg snel …

Bosch: ‘Tot 1 mei 2017 geldt er een implementatietermijn. In deze periode kunnen opdrachtgevers en zzp’ers eventueel hun werkwijze aanpassen om met de nieuwe overeenkomsten te kunnen werken. Tot die tijd houdt de Belastingdienst wel toezicht, maar worden nog geen repressieve handhavingsmaatregelen getroffen.’

Op welke valkuilen moet je letten als zzp’er?

Van der Zande: ‘Je moet goed beseffen dat, met uitzondering van de fiscale kernbepalingen, de overige contractsinhoud ter vrije bepaling van partijen is en dat daarover dus gewoon onderhandeld kan worden. Je moet er daarbij ook op letten dat het fiscale risico van de opdrachtgever niet voor 100 procent wordt doorgeschoven naar de zzp’er. Dat gebeurt vaak via zogenaamde vrijwaringsbepalingen. Dat is deels wettelijk verboden en deels doet dat geen recht aan de gezamenlijke verantwoordelijkheid van opdrachtgever en opdrachtnemer (de zzp’er) om te zorgen dat hun werkrelatie daadwerkelijk niet een inhoudingsplichtige arbeidsrelatie is.’

Ligt de DBA al helemaal vast?

Bosch: ‘Nee, nog niet. De stemming door de Eerste Kamer over de DBA is uitgesteld naar 2 februari 2016, maar er lijkt voldoende steun voor het aannemen van de nieuwe wet.’